Op 19 september 2024 heeft het Bundesgerichtshof (BGH) in zaak VII ZR 10/24 geoordeeld dat aannemers geen recht hebben op aanpassing van de vergoeding bij verstoringen en vertragingen in de bouw, zelfs niet wanneer de opdrachtgever een nieuw tijdschema toestuurt. Dit blijft een uitdaging, ook onder de VOB/B-regelgeving.
De toezending van een herzien tijdschema met een aangepaste opleverdatum wordt door de BGH niet beschouwd als een contractuele wijziging in de zin van § 2 lid 5 VOB/B. De opdrachtgever informeert enkel over bestaande belemmeringen en de daaruit voortvloeiende opleverdatum, zoals vastgelegd in § 6 lid 2 nr. 1a VOB/B. Dit betekent dat er geen juridische basis is voor aanvullende financiële claims door de aannemer.
Voor aannemers blijft het moeilijk om bouwvertragingen financieel te verhalen zonder expliciete contractuele afspraken. De rechter bevestigde dat de toezending van een aangepast tijdschema geen eenzijdige wijziging van contractuele verplichtingen inhoudt.
Het is cruciaal om vooraf duidelijke contractuele afspraken te maken over de gevolgen van bouwvertragingen. Dit voorkomt langdurige juridische procedures en financiële onzekerheden.
Wilt u meer weten over uw rechten en plichten binnen het Duitse bouwrecht? Neem contact met Thomas Dillmann, Rechtsanwalt en Fachanwalt für Bau- und Architektenrecht (gespecialiseerd advocaat voor Duits bouw- en architectenrecht), dillmann@alpmann-froehlich.de.
Bron: Bundesgerichtshof | 19-09-2024 | VII ZR 10/24